Professional made-to-measure digital sewing patterns — PDF · PLT · DXF AAMA

Minervainervabeta
Kledinggidsen

Trenchcoat patroon: anatomie, stofkeuze en naaivolgorde

2 november 20267 min leestijd

Een trenchcoat patroon is een van de mooiste projecten voor wie al een jasje of mantel heeft gemaakt. De trench is ooit ontstaan als militaire regenjas en draagt nog steeds alle onderdelen die toen een functie hadden: een stormklep op de schouder, schouderstukken, een rugpas die regen laat afvloeien, een ceintuur met gespen en manchetbandjes. Samen maken ze het verschil tussen een trench en een gewone regenjas.

In dit artikel lees je uit welke onderdelen een trenchcoat bestaat, waar je op let bij een patroon trenchcoat dames of heren, welke stof en voering je kiest, hoeveel stof je nodig hebt en in welke volgorde je naait. Zo weet je vooraf wat je te wachten staat.

De anatomie van een trenchcoat

Een klassieke trench is dubbelrijs, met twee rijen van vier of vijf knopen. De kraag is een reverskraag met een kraagstaander en een windlipje onder de kraag waarmee je de hals kunt sluiten. Op de rechterborst (bij heren) of de linkerborst (bij dames) ligt een stormklep, een losse dubbele lap stof die regen moet tegenhouden waar de overslag opent.

Op de rug valt een rugpas over de schouders, die alleen bovenaan vastzit. Daaronder heeft de rug vaak een splitje of een overslag met knoop. Verder zijn er schouderstukken met een knoop, ingezette of raglanmouwen met een bandje en gesp rond de pols, schuine zijzakken met een klep en een ceintuur met gesp die door lussen in de zijnaad loopt.

Niet elke trench heeft alles. Moderne damestrenches zijn vaak enkelrijs, korter of hebben geen stormklep. Kijk daarom bij het kiezen van een patroon goed naar de technische tekening: elk extra detail betekent extra patroondelen en meer naaitijd.

  • Stormklep: losse, dubbele lap op de borst, vastgezet in de schoudernaad en de kraag.
  • Rugpas (regenkap): dubbele pas over de schouders, onderaan los.
  • Schouderstukken of epauletten: smalle stroken met knoop.
  • Windlipje: klein bandje onder de kraag om de hals te sluiten.
  • Ceintuur met gesp en lussen; manchetbandjes met gesp aan de mouwen.
  • Schuine zijzakken met klep of paspel.

Patroon trenchcoat dames

Een damestrench is meestal iets getailleerder dan de herenversie. Zoek bij het kiezen naar een patroon met prinsessennaden of taillecoupes als je de ceintuur niet altijd dicht draagt, want een recht model zonder vorm zakt in als de ceintuur los hangt. Ook de lengte bepaalt veel: knielang is klassiek, maar een trench tot halverwege de kuit vraagt meer stof en een split in de rug om te kunnen lopen.

Let op de mouw. Een raglanmouw is comfortabel over een dikke trui en makkelijker te naaien; een ingezette mouw geeft een strakkere schouder. Bij een damespatroon moet de schouder ruim genoeg zijn voor een blazer eronder. De ontwerpwijdte van een trench ligt vaak rond de 12 tot 18 cm boven de borstomvang.

Tip van de vakvrouw

Bestel je een trenchcoat op maat, vul dan je werkelijke lichaamsmaten in en niet je maten met een trui aan. De ruimte voor kleding eronder zit al in het model; wie zelf centimeters toevoegt, krijgt een te ruime jas.

Patroon trenchcoat heren

Een herentrench is meestal rechter, met een iets bredere schouder en een langere rug. De overslag sluit links over rechts. De stormklep ligt op de rechterborst. Herenpatronen hebben vaak een ingezette mouw in twee delen, net als een colbert, wat een preciezere schouder geeft.

Kies de lengte op basis van wat je eronder draagt: een trench over een pak moet minstens over de colbertzoom vallen, ongeveer tot net boven de knie of langer. Controleer de mouwlengte met een overhemd en colbert aan: de trench hoort het overhemd volledig te bedekken. Bij grotere herenmaten loont een patroon dat op je eigen maten wordt gemaakt, omdat buik en schouderbreedte bij standaardmaten slecht samengaan.

Stof en stofverbruik

De klassieke trenchstof is katoengabardine: een dicht geweven keperstof met een diagonale ribbel, vaak met een waterafstotende afwerking. Gabardine laat zich goed persen en houdt zijn vorm. Alternatieven zijn katoen-polyester gabardine (kreukt minder), wollen gabardine voor een warmere herfsttrench, en gecoate katoen of een lichte waxcotton voor een meer sportieve versie.

Reken voor een knielange damestrench in stof van 145 à 150 cm breed op ongeveer 3 tot 3,5 meter, afhankelijk van de maat en de details. Een lange herentrench kan 3,5 tot 4 meter vragen. Bij Minerva staat in het boekje bij elk patroon het stofverbruik voor jouw maat, zodat je niet hoeft te gokken.

Kies naaigaren van polyester en een jeansnaald of microtex-naald maat 90 à 100. Gabardine is dicht, en een te dunne naald geeft overgeslagen steken bij de dikke plekken.

Tip van de vakvrouw

Leg je patroondelen allemaal in dezelfde richting op de stof. Gabardine heeft een diagonale ribbel en kan in verschillende richtingen anders glanzen; een pand dat omgekeerd ligt, zie je bij daglicht meteen.

Voering en verstevigingen

Een trench kan ongevoerd zijn, met afgewerkte naden (bijvoorbeeld bies of Franse naden), half gevoerd met een voering in de schouders en het bovenlijf, of volledig gevoerd. Volledig gevoerd is de warmste en netste optie. Kies een gladde viscosevoering of, voor een tussenseizoensjas, een katoenen voering met een klassiek ruitpatroon.

Verstevig de voorpanden met een lichte geweven tussenvoering langs de voorrand en de revers, en de kraag, het windlipje, de stormklep, de klep van de zakken en de ceintuur met opstrijkbare tussenvoering. Te zware tussenvoering maakt gabardine stijf; houd het licht en soepel.

Naaivolgorde voor een trenchcoat

Omdat een trench zoveel kleine onderdelen heeft, loont het om eerst alle kleine stukjes voor te bereiden. Dan blijft het grote werk overzichtelijk. De volgorde hieronder is gangbaar; je patroon kan op details afwijken.

  1. 1.Strijk alle tussenvoering op en knip de kleine delen.
  2. 2.Naai de kleine onderdelen: schouderstukken, windlipje, manchetbandjes, zakkleppen, ceintuur en lussen.
  3. 3.Naai de zakken in de voorpanden en sluit eventuele prinsessennaden.
  4. 4.Sluit de middenachternaad met split en zet de rugpas en stormklep op de panden.
  5. 5.Sluit de schoudernaden, met de schouderstukken en de stormklep meegestikt.
  6. 6.Naai en zet de kraag aan; zet de mouwen in met de manchetbandjes.
  7. 7.Sluit de zijnaden met de ceintuurlussen.
  8. 8.Naai de voering in elkaar en zet hem met de keermethode in.
  9. 9.Maak knoopsgaten, zet knopen en gespen en pers de jas af.

Afwerking die een trench laat slagen

Het doorstikken bepaalt hoe professioneel een trench eruitziet. Klassiek is een dubbele stiknaad, 2 mm en 7 mm van de rand, op kraag, revers, stormklep, rugpas en zoom. Gebruik een iets dikker garen of een langere steek, 3 à 3,5 mm, en stik in één doorgaande lijn zonder te stoppen.

Knoopsgaten in gabardine worden mooi met een oogknoopsgat, het typische knoopsgat met een rond eindje bij jassen. Kan je naaimachine dat niet, oefen dan eerst op een restje met dezelfde lagen. Een paar millimeter tussenvoering extra onder de knoopsgatenrij voorkomt dat de stof gaat rafelen.

Zet de knopen van een dubbelrijs trench met een steeltje van 3 à 4 mm, zodat de overslag er plat onder kan liggen. Naai aan de binnenkant tegenover elke zichtbare knoop een klein steunknoopje mee; dat verdeelt de trekkracht en voorkomt dat de knoop de gabardine na een paar winters uitscheurt. Zet ook de binnenknoop van de overslag, die het onderste voorpand op zijn plaats houdt, want zonder die knoop zakt de dubbelrijs sluiting scheef.

Pers de jas als laatste in zijn geheel af, over een persham voor de schouders en de kraag, en met een persdoek om glimplekken op de donkere gabardine te voorkomen. Hang hem daarna minstens een nacht op een brede, gevormde jashanger, zodat de revers en de rugpas in hun vorm afkoelen.

Veelgestelde vragen

Welke stof is het beste voor een trenchcoat?

Katoengabardine is de klassieke keus: dicht geweven, goed te persen en vaak waterafstotend. Voor een warmere herfsttrench kun je wollen gabardine nemen, voor minder kreuken een katoen-polyester mengsel.

Hoeveel stof heb ik nodig voor een trenchcoat?

Ongeveer 3 tot 3,5 meter stof van 150 cm breed voor een knielange damestrench en 3,5 tot 4 meter voor een lange herentrench. Het exacte verbruik hangt af van maat, lengte en details.

Is een trenchcoat moeilijk om te naaien?

Niet moeilijk, wel bewerkelijk. De techniek is vergelijkbaar met een gevoerde jas, maar er zijn veel kleine onderdelen. Wie al een gevoerd jasje heeft gemaakt, kan een trench aan.

Moet een trenchcoat gevoerd worden?

Het hoeft niet. Een ongevoerde trench met nette naadafwerking is licht en geschikt voor de zomer. Een gevoerde trench is warmer, glijdt makkelijker over je kleding en ziet er aan de binnenkant netter uit.

Aan welke kant zit de stormklep?

Bij een herentrench op de rechterborst, bij een damestrench meestal op de linkerborst, aan de kant waar de overslag opent. Bij moderne modellen ontbreekt hij soms of zit hij aan beide kanten.

Minerva Patterns

Digitale naaipatronen op maat, klaar om te knippen

Elk patroon wordt op jouw maten gemaakt en geleverd als PDF (A4, A0, projector), DXF AAMA en PLT – om te printen, plotten of projecteren.

Bekijk de patronencatalogus
Support

Minerva Support

Online
Support
Hi! I'm Minerva's AI assistant. What can I help you with?