Professional made-to-measure digital sewing patterns — PDF · PLT · DXF AAMA

Minervainervabeta
Naaitechnieken

Figuurnaad: tekenen, naaien, persen en verplaatsen

2 november 20267 min leestijd

Een figuurnaad is het eenvoudigste middel om stof een ronding te geven. Een driehoekje dat je wegstikt, en ineens volgt het voorpand de buste of sluit een rok aan op de taille. Toch zie je aan figuurnaden snel of een kledingstuk zelfgemaakt is: een puntje dat uitsteekt, een naad die te ver doorloopt of een coupe die net naast het borstpunt eindigt.

In dit artikel lees je wat een figuurnaad precies doet, hoe je een figuurnaad tekent en maakt, hoe lang en diep hij hoort te zijn, of je hem naar boven of naar beneden perst en hoe je een borstnaad in het patroon naar een andere plek verplaatst.

Wat doet een figuurnaad?

Het lichaam is niet plat. Tussen de buste en de taille, tussen de taille en de heup en tussen de schouderbladen en de taille zit een verschil in omvang. Een figuurnaad, ook wel coupenaad of coupe genoemd, neemt dat verschil weg op de plek waar het lichaam smaller wordt en laat de stof vol op de plek waar het lichaam bol is. De punt van de figuurnaad wijst naar het bolste punt.

De bekendste figuurnaden zijn de borstnaad, die vanuit de zijnaad of de schouder richting de buste loopt; de taillenaad, een ruitvormige of driehoekige coupe in de taille van een jurk of rok; en de schoudernaad in het rugpand, die ruimte maakt voor de schouderbladen. Ook bij een broek zitten figuurnaden in het achterpand, onder de tailleband.

Hoe groter het verschil tussen bol en smal, hoe dieper de figuurnaad. Een cup D heeft een diepere borstnaad dan een cup A bij dezelfde borstomvang. Daarom werkt een standaardpatroon voor de ene vrouw perfect en zit het bij een ander op de verkeerde plek.

Figuurnaad tekenen op je stof

Op het patroon staat een figuurnaad als twee lijnen, de benen, die naar een punt lopen. Op de snijrand zie je twee inkepingen en vaak een gaatje of stip een centimeter vóór de punt. Neem die markeringen nauwkeurig over, want een figuurnaad die een halve centimeter scheef getekend is, laat de hele vorm draaien.

Knip de inkepingen kort in de naadtoeslag. Markeer de punt met een kleermakerskrijt, een uitwasbare stift of een rijgsteekje. Op dikke wol of donkere stof werkt een kleermakersrijgsteek, een losse lus door beide lagen, het beste: je trekt de lagen voorzichtig uit elkaar en knipt de draad ertussen door, zodat beide helften gemarkeerd zijn.

Teken bij voorkeur ook de beide benen van de figuurnaad met een liniaal op de verkeerde kant. Dan hoef je tijdens het stikken niet op het oog te sturen.

Tip van de vakvrouw

Leg je stof voor het overtrekken op een hard oppervlak en werk met een raderwieltje en kopieerpapier op stevige katoen; op zijde en viscose gebruik je liever een rijgsteek, omdat het wieltje sporen kan achterlaten.

Figuurnaad maken: stikken zonder bobbel

Vouw de stof rechts op rechts zodat de twee inkepingen precies op elkaar liggen en de getekende benen elkaar bedekken. Speld loodrecht op de stiklijn. Stik vanaf de brede kant, de snijrand, naar de punt.

Het belangrijkste deel zit in de laatste 1 à 2 cm. Daar loop je met de naald zo geleidelijk naar de vouw, dat de laatste twee of drie steken vlak op de vouwrand liggen. Stik dan voorbij de stof door en laat de draden lang. Hecht niet af met achteruitsteken op de punt, want dat geeft een harde knobbel; knoop de draden in plaats daarvan met de hand.

Een figuurnaad is in principe geen rechte lijn. Bij een borstnaad kun je de laatste centimeters licht bol stikken voor een rondere buste, bij een taillecoupe in een rok licht hol om het verloop over de heup te volgen. Kleine verschillen van 2 mm maken al een zichtbaar verschil.

  1. 1.Vouw rechts op rechts en leg de inkepingen precies op elkaar.
  2. 2.Speld op de getekende lijn, met een speld op de punt.
  3. 3.Stik van de snijrand naar de punt en eindig plat op de vouw.
  4. 4.Laat de draden 8 cm lang en knoop ze met twee knopen.
  5. 5.Pers de figuurnaad eerst plat zoals hij gestikt is, daarna open of naar één kant over een persham.

Figuurnaad naar boven of beneden persen?

Een van de meest gezochte vragen over figuurnaden is of je ze naar boven of naar beneden perst. De gangbare regel: horizontale figuurnaden, zoals een borstnaad vanuit de zijnaad, pers je naar beneden. Verticale figuurnaden, zoals taillecoupes in een rok of jurk en schouderfiguurnaden in de rug, pers je naar het midden, dus naar middenvoor of middenachter.

De reden is vooral visueel: een figuurnaad die naar beneden ligt, valt minder op omdat het licht van boven komt, en een naar het midden geperste coupe geeft een symmetrisch beeld. In de kleermakerij zijn er uitzonderingen. Bij dikke wol knip je een diepe figuurnaad open en pers je hem uiteen, zodat er geen dikke rand ontstaat. Bij doorzichtige stoffen kun je een figuurnaad smal terugknippen en afwerken.

Pers altijd over een persham of een opgerold handdoek, nooit plat op de strijkplank. Een figuurnaad maakt een ronding, en als je hem plat perst, pers je die ronding er weer uit. Pers niet voorbij de punt, maar stop net ervoor, en laat de stof afkoelen voordat je hem optilt.

Tip van de vakvrouw

Leg een strookje papier tussen de figuurnaad en de stof wanneer je perst. Zo voorkom je dat de rand van de naad zich als een glimmende lijn door de goede kant aftekent.

De juiste plek: afstand tot het borstpunt

Een borstnaad mag niet tot op het borstpunt doorlopen. Bij een gewone blouse of jurk stopt de punt 2 à 3 cm voor het borstpunt; bij een grote cupmaat 3 à 4 cm. Loopt de figuurnaad door tot op het borstpunt, dan krijg je een spitse vorm; stopt hij te ver weg, dan ontstaat er een bolling boven of naast de buste.

Om dat te controleren, meet je je borstpunthoogte (van de schouder naar het borstpunt) en je borstpuntafstand (de afstand tussen de twee borstpunten). Vergelijk die maten met het patroon en verplaats de punt als hij er meer dan een centimeter naast ligt. Bij een patroon op maat zijn die maten al verwerkt; bij Minerva wordt de figuurnaad mee berekend op de maten die je bij de bestelling invult.

Een figuurnaad verplaatsen in het patroon

Een figuurnaad kan rond het borstpunt overal naartoe draaien zonder dat de pasvorm verandert, zolang de punt naar hetzelfde punt wijst. Dat principe ligt ten grondslag aan bijna elk model: prinsessennaden, halsfiguurnaden, schouderfiguurnaden en zelfs plooien of rimpels in een halslijn zijn verplaatste borstnaden.

Verplaatsen gaat met de knip-en-draaimethode. Teken op een kopie van het patroon een lijn van de nieuwe plek naar het borstpunt. Knip die lijn in tot het borstpunt, maar niet erdoor. Knip ook een been van de oude figuurnaad in tot het borstpunt. Sluit de oude figuurnaad door de benen op elkaar te leggen; de nieuwe opening gaat dan vanzelf open. Teken de nieuwe figuurnaad en verkort hem tot 2 à 3 cm voor het borstpunt.

Je kunt een figuurnaad ook verdelen over twee plekken, bijvoorbeeld een kleine borstnaad in de zijnaad en een taillecoupe. Dat geeft vaak een mooiere vorm bij een volle buste, omdat elke coupe ondieper wordt.

  • Borstnaad naar de schouder: geeft een vloeiende lijn voor een prinsessennaad.
  • Borstnaad naar de hals: wordt vaak omgezet in kleine plooien of rimpels.
  • Borstnaad naar de armsgatnaad: de basis voor een prinsessennaad vanuit het armsgat.
  • Borstnaad naar middenvoor: mooi bij een gedrapeerd lijfje of een overslag.

Veelgestelde vragen

Pers je een figuurnaad naar boven of naar beneden?

Een horizontale borstnaad pers je naar beneden, verticale figuurnaden zoals taillecoupes naar het midden. Bij dikke stoffen knip je een diepe figuurnaad open en pers je hem uiteen.

Waarom krijg ik een bobbeltje op de punt van mijn figuurnaad?

Meestal omdat de laatste steken niet plat op de vouw eindigen of omdat je met achteruitsteken hebt afgehecht. Stik geleidelijk naar de vouw, stik voorbij de rand door en knoop de draden met de hand.

Hoe ver moet een borstnaad van het borstpunt eindigen?

Ongeveer 2 à 3 cm bij een gemiddelde cupmaat en 3 à 4 cm bij een grote cupmaat. Loopt de naad door tot het borstpunt, dan wordt de vorm spits.

Wat is het verschil tussen een figuurnaad en een coupenaad?

Geen: het zijn twee woorden voor hetzelfde. In Vlaanderen en in vakboeken hoor je vaak ‘coupe’ of ‘coupenaad’, in Nederland meestal ‘figuurnaad’.

Kan ik een figuurnaad weglaten?

Bij een ruim, recht model of bij tricot soms wel, omdat de stof meegeeft. Bij een getailleerd model in geweven stof niet: zonder figuurnaad ontstaan er trekplooien en valt de stof niet om de buste of de heup.

Minerva Patterns

Digitale naaipatronen op maat, klaar om te knippen

Elk patroon wordt op jouw maten gemaakt en geleverd als PDF (A4, A0, projector), DXF AAMA en PLT – om te printen, plotten of projecteren.

Bekijk de patronencatalogus
Support

Minerva Support

Online
Support
Hi! I'm Minerva's AI assistant. What can I help you with?