Professional made-to-measure digital sewing patterns — PDF · PLT · DXF AAMA

Minervainervabeta
Patroontekenen

Patroon tekenen: van basispatroon tot aanpassing, met boek of cursus

2 november 20266 min leestijd

Patroon tekenen is voor veel naaisters de volgende stap na jaren naaien met kant-en-klare patronen. Je wilt een model maken dat nergens te koop is, of je bent het zat om elk patroon op dezelfde plekken aan te passen. Wie leert tekenen, begrijpt bovendien waarom een patroon past of niet, en dat maakt je ook een betere naaister met gekochte patronen.

In dit artikel lees je hoe patroontekenen in de praktijk werkt: van het basispatroon via modelontwikkeling naar het afgewerkte patroon. Je leest wat een cursus of boek je kan bieden, wat je nodig hebt en hoe je een bestaand patroon aanpast voor de meest voorkomende afwijkingen, zoals een holle rug, een buik of een volle buste.

Het basispatroon: waar alles begint

Elk patroon begint bij een basispatroon, ook wel grondpatroon of blok genoemd. Dat is een eenvoudig, nauwsluitend patroon zonder modeldetails: een lijfje met figuurnaden, een rechte rok, een basismouw en een broek. Het basispatroon wordt getekend op je eigen maten volgens een vaste constructiemethode, en heeft alleen de minimale bewegingsruimte.

Bekende constructiemethoden zijn het systeem van M. Müller & Sohn, veel gebruikt in Nederland, België en Duitsland, en de Engelse methode uit Metric Pattern Cutting van Winifred Aldrich. Ze verschillen in de manier van tekenen en in de vaste verhoudingen die ze gebruiken, maar het resultaat is vergelijkbaar: een blok dat je lichaam volgt.

Het basispatroon is pas klaar als je er een proefmodel van hebt genaaid, het zogenaamde toile of proefmodel van katoen. Daarop corrigeer je de pasvorm: schouderhelling, figuurnaden, ruglengte. Die correcties neem je over in je basispatroon. Dat kan twee of drie proefmodellen kosten, maar daarna heb je een vertrekpunt voor elk model.

Tip van de vakvrouw

Teken je basispatroon op stevig karton of plastic folie zodra het klopt. Een papieren blok slijt, rekt en wordt na tien keer overtrekken onnauwkeurig.

Van basispatroon naar model

Modelontwikkeling is het omzetten van het basispatroon in een ontwerp. Je verplaatst figuurnaden, voegt wijdte toe, tekent prinsessennaden, kragen, beleggen en zakken. De meeste technieken zijn variaties op een paar principes: figuurnaden draaien rond een punt, wijdte toevoegen door in te knippen en uit te spreiden, en lijnen verplaatsen zonder de omvang te veranderen.

Voor een blouse voeg je wijdte toe aan het basislijfje, verlaag je de figuurnaad of zet je hem om in een plooi. Voor een jasje teken je een apart blok met meer ruimte voor kleding eronder. Voor een jurk combineer je lijfje en rok. Hoe ingewikkelder het model, hoe meer stappen; een colbert met reverskraag en tweedelige mouw is voor de meeste mensen pas na een jaar oefenen haalbaar.

  • Figuurnaden verplaatsen: knippen en draaien rond het borstpunt.
  • Wijdte toevoegen: inknippen en uitspreiden voor klokken, plooien of rimpels.
  • Naden verplaatsen: een prinsessennaad ontstaat uit een verplaatste borstnaad.
  • Beleg en voering aftekenen van het hoofdpatroon.
  • Naadtoeslag toevoegen: meestal 1 cm voor naden, 3 à 4 cm voor zomen.

Patroon tekenen cursus: wat levert het op?

Een patroon tekenen cursus is de snelste manier om de basis te leren, omdat een docent kan zien waar je proefmodel trekt en waarom. In Nederland en Vlaanderen vind je cursussen bij volksuniversiteiten, naaiateliers en coupeuse-opleidingen, en in avondonderwijs; daarnaast zijn er online cursussen. Een gedegen opleiding tot coupeuse duurt meerdere jaren, een korte cursus geeft je een basislijfje en een rok.

Kijk bij het kiezen naar welke methode er wordt geleerd, of je je eigen maten gebruikt, en of er passessies zijn. Een cursus waarin je alleen op een standaardmaat tekent, leert je de constructie maar niet de pasvorm. Een goede cursus combineert tekenen, proefmodellen naaien en corrigeren.

Patroon tekenen boek: zelf leren

Wie liever zelf leert, kan met een patroon tekenen boek veel bereiken. Een goed vakboek legt de constructie stap voor stap uit, met maattabellen en tekeningen van elke stap. Kies een boek dat bij je doel past: een algemeen boek voor dameskleding, een apart boek voor herenkleding, of een boek over modelontwikkeling als je je basis al hebt.

Een boek mist natuurlijk de feedback van een docent. Daarom is het extra belangrijk dat je proefmodellen naait en goed kijkt naar trekplooien en overtollige stof. Fotografeer je proefmodel van voren, opzij en van achteren; op een foto zie je meer dan in de spiegel.

Gebruik ook naaitijdschriften met kant-en-klare patronen als studiemateriaal: leg een model naast je basispatroon en zoek uit hoe het is afgeleid. Zo leer je modelontwikkeling in omgekeerde richting.

Tip van de vakvrouw

Leg vast welke maten je gebruikte en welke correcties je deed, met datum. Lichaamsmaten veranderen, en na een jaar weet je niet meer waarom die schoudernaad 1 cm is ingenomen.

Patroon aanpassen aan je figuur

Ook zonder zelf te tekenen kun je een gekocht patroon aanpassen. De meest voorkomende aanpassingen hebben een vaste methode. Belangrijk is dat je één aanpassing tegelijk doet en daarna de aansluitende naden weer gelijk maakt; wie het voorpand verlengt, moet ook het beleg en de zijnaad aanpassen.

Holle rug: bij een holle rug vormen zich horizontale plooien in de onderrug, boven het zitvlak. Je lost dat op door in het rugpand van het patroon een horizontale wig weg te nemen ter hoogte van de taille, aflopend naar nul bij de zijnaad. Meestal is 1 à 2 cm in middenachter genoeg. Bij een rok of broek neem je de wig onder de tailleband weg.

Buik: een buik vraagt om meer lengte en wijdte in het voorpand. Knip het voorpand in van de taille naar de zoom en van de taille naar de zijnaad, en spreid uit tot je de benodigde ruimte hebt. Bij een broek verleng je de voorste kruisnaad. Volle buste: de bekende full bust adjustment, waarbij je het voorpand vanaf het borstpunt inknipt en uitspreidt, zodat de borstnaad dieper wordt en het voorpand langer.

  1. 1.Naai eerst een proefmodel en kijk waar het trekt (te weinig stof) en waar het plooit (te veel stof).
  2. 2.Bepaal per probleem welke aanpassing hoort: lengte, wijdte of vorm.
  3. 3.Pas het papieren patroon aan met knippen en uitspreiden of wegnemen.
  4. 4.Maak aansluitende naden weer gelijk en controleer de lengte van alle naden die op elkaar komen.
  5. 5.Naai een tweede proefmodel voordat je in de echte stof knipt.

Wanneer zelf tekenen, en wanneer een patroon op maat?

Patroon tekenen is een waardevolle vaardigheid, maar je hoeft niet alles zelf te tekenen. Voor eenvoudige vormen en eigen ontwerpen is het ideaal. Voor ingewikkelde modellen zoals een getailleerde jas, een trenchcoat of een herencolbert kost het veel tijd voordat de constructie goed is.

Een tussenweg is een patroon op maat: je kiest een bestaand model, vult je lichaamsmaten in en krijgt een patroon dat al naar jouw verhoudingen is berekend. Bij Minerva kun je zo'n patroon bestellen als pdf voor thuis of de copyshop, als projectorbestand of als DXF-bestand voor wie in CAD werkt. Voor grote maten is er bovendien een Pro fit-optie die figuurkenmerken als houding, buste en buik meeneemt. Veel patroontekenaars combineren beide: ze tekenen hun eigen ontwerpen, en gebruiken voor ingewikkelde modellen een patroon op maat als vertrekpunt.

Veelgestelde vragen

Kan ik zelf leren patroon tekenen zonder cursus?

Ja, met een goed vakboek en geduld. Begin met een basislijfje en een rechte rok, naai proefmodellen en corrigeer ze. Zonder docent duurt het langer, maar de principes zijn goed zelf te leren.

Wat heb ik nodig om een patroon te tekenen?

Patroonpapier of rollen tekenpapier, een lange liniaal, een kleermakershoek, een kromme liniaal (een zogenaamde bochtenliniaal), een potlood, een centimeter, een raderwieltje en plakband. Voor het proefmodel goedkope katoen of nesselstof.

Hoe pas ik een patroon aan voor een holle rug?

Neem in het rugpand een horizontale wig weg ter hoogte van de taille, met de breedste kant (meestal 1 à 2 cm) in middenachter en nul bij de zijnaad. Maak daarna de middenachternaad weer recht.

Hoe lang duurt het om patroon tekenen te leren?

Een basispatroon dat past, lukt de meeste mensen binnen een paar maanden. Modelontwikkeling voor eenvoudige jurken en blouses is na een half jaar tot een jaar haalbaar; jassen en herencolberts vragen meer ervaring.

Is een patroon op maat hetzelfde als een zelfgetekend patroon?

Niet helemaal. Een zelfgetekend basispatroon is na passessies afgestemd op jouw lichaam. Een digitaal patroon op maat is een bestaand model dat op jouw maten is berekend; het neemt veel aanpaswerk weg, maar een proefmodel blijft verstandig bij een nieuw model.

Minerva Patterns

Digitale naaipatronen op maat, klaar om te knippen

Elk patroon wordt op jouw maten gemaakt en geleverd als PDF (A4, A0, projector), DXF AAMA en PLT – om te printen, plotten of projecteren.

Bekijk de patronencatalogus
Support

Minerva Support

Online
Support
Hi! I'm Minerva's AI assistant. What can I help you with?