Halflange jas
Materialen
U heeft nodig: mohair-drapé (angorageitenwol) 150 cm breed; voeringstof; plakvlieseline; 8 grote en 4 middelgrote knopen; 1 platte knoop voor de binnenste sluiting; 1 gesp 5 cm hoog; raglan schoudervullingen. Aanbevelingen voor de stofkeuze: zachte mantelstoffen. ALS DE PATROONDELEN EEN DUBBELE CONTOUR HEBBEN, DAN ZIJN DE PATROONDELEN INCLUSIEF NAAITOESLAGEN, ALS DE CONTOUR ENKELVOUDIG IS, DAN ZIJN DE PATROONDELEN ZONDER NAAITOESLAGEN GEGEVEN.
Knippen
- Uit hoofdstof:
- 1 VOORPAND - QTY 2
- 2 VOORPAND-PAS - QTY 2
- 3 ACHTERPAND - QTY 2
- 4 BELEG - QTY 2
- 5 KRAAGSTAANDER - QTY 2 op de vouw
- 6 KRAAG - QTY 2 op de vouw
- 7 MOUW - QTY 2
- 8 ZAK - QTY 2
- ZakBELEG - QTY 2
- 9 MOUWMANCHET - QTY 2
- a) strook voor 6 riemlussen 55 cm lang en 3 cm breed, afgewerkt 1,5 cm;
- b) strikceintuur totale lengte 1,70 m en 11 cm breed, afgewerkt 5,5 cm;
- Uit voeringstof:
- VOORPAND en VOORPAND-PAS QTY 2 minus de breedte van het BELEG
- ACHTERPAND QTY 2
- MOUW QTY 2 (moet 2 cm korter zijn dan de MOUW van het kledingstuk),
- ZAK QTY 2 (minus de breedte van het bovenste BELEG - tot de op het patroon getekende voeringlijn).
- Uit PLAKVLIESELINE: de VOORPAND-PAS, het BELEG, de KRAAGSTAANDER, de KRAAG, de ZAK, de ceintuur, op het VOORPAND - het revers- en beleggebied, ook de vlieseline op de zoomtoeslagen strijken.
Naaiinstructies
- De passen van de VOORPANDEN aan de VOORPANDEN naaien en op 2 cm afstand doorstikken.
- De middenachternaad maken.
- De zij- en schoudernaden maken, de passen van de VOORPANDEN langs de naden doorstikken.
- KRAAG met revers. De BELEGEN aan de randen van de voorpanden en revers naaien tot aan de dwarsmarkering en voorlopig op de VOORPANDEN laten liggen. De NAAITOESLAGEN dicht bij de naad afknippen.
- De KRAAGSTAANDER-delen aan de KRAAG-delen naaien, elk verkregen deel aan beide zijden van de naad dicht bij de naad doorstikken.
- De KRAAG netjes langs de buitencontour naaien, de bovenste KRAAG lichtjes inhouden.
- De KRAAG aan elke zijde tussen het VOORPAND en het BELEG plaatsen. De onderste KRAAG met staander in de halslijn van de halflange jas naaien, de bovenste KRAAG met staander in de halslijnen van de BELEGEN naaien. De NAAITOESLAGEN van de innaainaden van de bovenste en onderste KRAAG meerdere keren inknippen en openstrijken.
- De BELEGEN naar de verkeerde kant keren. De innaainaden precies vastspelden en vanaf de verkeerde kant van het kledingstuk de NAAITOESLAGEN van deze naden naaien. Aan de achterkant de bovenste KRAAG plat over de innaainaad van de onderste KRAAG in de halslijn van het achterpand leggen en vanaf de goede kant van het kledingstuk een naad precies in de naad leggen.
- De zoomtoeslag van de halflange jas naar de verkeerde kant keren tot aan de BELEGEN en op 3 cm afstand doorstikken.
- De halflange jas langs de voorpanden, revers en de buitencontour van de KRAAG op 2 cm afstand doorstikken.
- Omdat de gebruikte stof dik is, de ZAKKEN met voering afwerken. De voering van elke ZAK aan het aangeknipte BELEG naaien, waarbij een opening in de naad wordt gelaten om de ZAK te keren. De ZAK langs de contour met BELEG en voering afwerken. De aangeknipte klep tot aan de vouwlijn op 2 cm afstand doorstikken. De ZAK op het VOORPAND naaien op 2 cm afstand langs de uitlijningslijnen. De klep naar beneden strijken.
- De strook voor de riemlussen netjes naaien en aan de rand doorstikken. De strook in 6 gelijke delen snijden en de riemlussen over de zijnaden en op de MOUWEN naaien.
- De MOUWnaden maken. De MOUWMANCHETTEN aan de MOUW-delen naaien. De MOUWEN inzetten. Het kledingstuk langs de innaainaden van de MOUWEN op 1 cm afstand doorstikken. Schoudervullingen aannaaien.
- Op de knipdelen van de voeringstof de naden maken, waarbij de schouderranden van het ACHTERPAND bij de halslijn uitsteken. De MOUWEN inzetten. De voering aan de BELEGEN naaien, waarbij aan de onderkant open stukken van ca. 10 cm lang worden gelaten. Bovenaan de voering met de hand aan de BELEGEN en de KRAAGSTAANDER naaien.
- Elke voeringMOUW in de MOUW van de halflange jas plaatsen, op één plaats omvouwen en vastspelden aan de NAAITOESLAGEN van de MOUWMANCHET-bevestiging. Door de open onderkant van de halflange jas de hand tussen het kledingstuk en de voering steken en de MOUW naar buiten trekken. De voeringMOUW aan de NAAITOESLAGEN van de MOUWMANCHET-bevestiging van de halflange jas naaien. De MOUW rechtmaken. De voering omvouwen en doorstikken zodat de voering ca. 1 cm korter is dan de halflange jas. De resterende open stukken van de voeringnaden (bij de BELEGEN) afwerken. De BELEGEN aan de zoom naaien.
- De strikceintuur netjes naaien. De ceintuur op 2 cm afstand doorstikken. Aan het rechte uiteinde van de ceintuur de gesp naaien.
- Op het rechter VOORPAND 3 knoopsgaten omzomen, op het linker VOORPAND - het bovenste knoopsgat voor de onderknoop, aan de puntige uiteinden van de patten - elk 2 knoopsgaten (één achter de ander). De knopen op de overeenkomstige plaatsen aannaaien.
